Eenjarig bestaan Ouderinitiatief Prinsessenpark

Terug naar nieuwsoverzicht

Een jaar geleden kwamen de eerste bewoners wonen bij ouderinitiatief Prinsessenpark in Krimpen aan den IJssel. De officiële opening kon door corona helaas niet doorgaan. Een goede reden om tijdens het eenjarig bestaan van de woonvoorziening dit feestje alsnog kleinschalig te vieren. ‘In dit jaar hebben we geleerd om samen te zijn, met een lach en een traan.’

De feestelijke dag stond in het teken van gezelligheid, spelletjes en lekker eten. Teamleider Sigrid trapte af met een speech waarna met bubbels en taart werd geproost. Daarna speelde bewoonster Angela een nummer op haar gitaar. Angela: ‘Ik vond het leuk dat ik dit voor iedereen mocht doen. Ook hebben alle bewoners een fotoboekje gehad met herinneringen aan het eerste jaar. Leuk om dit terug te zien! Met de spelletjes, zoals spijkerpoepen, sjoelen en stoelendans, hebben we veel lol gehad. De dag werd afgesloten met een buffet met verschillende hapjes en toetjes. Het was een top feest!’

De bewoners en begeleiders van ouderinitiatief Prinsessenpark genieten volop van het feest.

Ontwikkeling

Het is ook een goed moment om terug te kijken op het eerste jaar. Wat hebben de bewoners geleerd? Sigrid: ‘Het is mooi om te zien hoe de bewoners zijn gegroeid. Zo doet Britt haar financiën vaker zelf. Ontdekt Jonas met medebewoners nieuwe fietsroutes. Veel bewoners zijn zelfstandiger geworden sinds ze hier wonen.’ Ferdi: ‘In het begin moest ik even wennen om op mezelf te wonen. Ik moest bijvoorbeeld ineens zelf schoonmaken en de was doen. Met hulp van de begeleiders pikte ik dit snel op. En nu doe ik het zoveel mogelijk zelfstandig. Ik kan ook groenten snijden!’

Overdoen

Het eenjarig bestaan werd alleen gevierd met de bewoners en begeleiders. ‘We hebben terloops de officiële opening meegenomen’, zegt Sigrid. ‘Het is jammer dat dit niet samen met de familie en het bestuur van het ouderinitiatief kon. Vooral voor de bewoners, die graag hun eigen studio aan de hele familie willen laten zien. Wanneer alles weer kan en mag, doen we het nog eens dunnetjes over met elkaar.’